Vijfenveertig jaar lang was de woning in de Smockelpotstraat het vaste ankerpunt van Henri. Meer dan de helft van zijn leven bracht hij er door. Hij zag de buurt veranderen, bouwde er herinneringen op en leerde zijn buren kennen als vrienden. Toen hij hoorde dat zijn woning zou worden afgebroken en hij moest verhuizen, kwam dat dan ook hard aan. Toch kijkt hij vandaag met tevredenheid terug op een moeilijke periode. Zijn verhaal gaat over loslaten, steun krijgen en ontdekken dat een thuis soms meer is dan een adres.
Voor Henri was de Smockelpotstraat veel meer dan een huis. Oorspronkelijk afkomstig uit Gent, woonde hij door zijn loopbaan bij het leger op verschillende plaatsen in het land, tot hij uiteindelijk in Koksijde terechtkwam. Daar vond hij een plek waar hij zich kon settelen. De band met de buurt is zelfs vandaag nog voelbaar. Oude buren komen nog geregeld langs, soms zelfs met de krant onder de arm en het laatste nieuws uit de wijk.
Toen de verhuis werd aangekondigd, overheerste vooral een gevoel van machteloosheid. “Ik kon er niets aan veranderen”, blikt Henri terug. Na 45 jaar vertrekken uit een vertrouwde woning voelde onnatuurlijk aan. “Een oude boom verplant je niet zomaar.” Bovendien betekende de verhuis ook afscheid nemen van heel wat spullen die zich door de jaren heen hadden opgestapeld. Zijn grote zetel, een uitgebreide cd-verzameling en tal van andere bezittingen moesten plaatsmaken. Ongeveer de helft van zijn inboedel kreeg een nieuwe bestemming. Een deel ging naar kennissen, een ander deel naar de Kringloopwinkel. Het was niet altijd gemakkelijk, maar het idee dat anderen er nog gebruik van konden maken, gaf hem ook voldoening.

De verhuis zelf verliep gelukkig niet alleen. Zijn kinderen staken de handen uit de mouwen en maakten een wereld van verschil. Ze hielpen niet alleen met het praktische werk, maar zorgden er ook voor dat de nieuwe woning écht op Henri’s maat werd ingericht. Zijn zoon, elektricien van beroep, installeerde handige oplossingen zodat Henri de verlichting eenvoudig kan bedienen en altijd een draagbare bel in de buurt heeft. Samen richtten de kinderen de woning in, behingen ze de kamers en pasten ze de badkamer aan met extra kastjes en rekken. Ook Ijzer en Zee heeft hem hierin mee ondersteund. De woonmaatschappij organiseerde meerdere infosessies en is financieel deels tussengekomen in de kosten van de verhuis.
Gaandeweg verdween de weerstand. Het keerpunt kwam toen Henri besefte dat hij zijn vertrouwde omgeving niet echt kwijt was. De nieuwe woning ligt dicht bij zijn vroegere buurt. De mensen die hij jarenlang kende, komt hij nog regelmatig tegen. Ook in de Bloemenstraat vond hij opnieuw goede buren. Dat gevoel van verbondenheid maakte een groot verschil.
Vandaag voelt Henri zich thuis in zijn nieuwe woning. Alles is goed ingericht, de ondersteuning die hij nodig heeft is dichtbij en de buurt voelt vertrouwd aan. Niet omdat alles hetzelfde is gebleven, maar omdat de belangrijke dingen zijn mee verhuisd: de mensen, de herinneringen en de dingen die er echt toe doen.
Als hij terugkijkt op zijn aanvankelijke weerstand, begrijpt hij die nog steeds. Maar tegelijk heeft hij geleerd dat verandering soms onvermijdelijk is. Zijn advies? Het is moeilijk om afscheid te nemen van spullen en gewoontes, maar wat je loslaat kan iemand anders gelukkig maken. En uiteindelijk, zegt Henri nuchter: “We leven het leven en je hebt het vaak niet in de hand. Alles komt wel goed.”
